Assertief wonen

In het dagelijkse leven ben ik dus helemaal niet assertief, maar nu ik erover nadenk hebben mijn meest assertieve acties ooit allemaal met wonen en woningen te maken. Dit grijpt blijkbaar zo diep in op je dagelijkse welzijn dat het zelfs het beetje assertiviteit dat ik nog ergens herberg mobiliseert.

Het is ooit begonnen toen ik een telefoniste van een woningcorporatie aan de lijn kreeg, waarbij ik al geruime tijd stond ingeschreven voor een woning. Ik moest acuut weten (in verband met het mogelijkerwijs direct moeten ontruimen van mijn kamer) of ik al voor een woning in aanmerking kwam.
De regels voor toekenning van een woning waren hier in Eindhoven destijds van byzantijnse proporties, met als resultaat dat je als alleenstaande (zoals ik) om te beginnen al slechts voor 10% van het totale woningbestand in aanmerking kwam. Minstens de helft van die woningen was weer uitsluitend voor bejaarden bestemd. Van de overgebleven 5% viel een deel van de woningen in een categorie waarvoor ik een te laag of juist te hoog salaris had. Ik stelde mij voor dat de wachttijden dermate op zouden lopen dat uiteindelijk alle alleenstaande woningzoekenden vanzelf tot de categorie der bejaarden zouden gaan behoren en de regelgeving dus aanzienlijk vereenvoudigd zou kunnen worden. Het moge duidelijk zijn dat ik mij in een toestand van aanzienlijke frustratie bevond waar het het vinden van een woning betrof.

Nu mocht je die corporatie, in een tijd dat Internet nog geen gemeengoed voor instellingen en bedrijven was en de telefoon dus het aangewezen communicatiemiddel was voor dit soort zaken, alleen op dinsdagen tussen 09:00 en 11:00 bellen voor vragen over vrijkomende woningen (waarschijnlijk omdat het voltallige personeel de rest van de dag bij moest komen van het voeren van enige telefoongesprekken), met als gevolg dat het je dan minstens een half uur kostte om iemand aan de lijn te krijgen als het meezat, want half Eindhoven hing aan de lijn (minstens de helft van Eindhoven is namelijk oerlelijk, dus de helft van de bevolking wil permanent verhuizen). Het was toevallig net woensdag, dus tot de volgende dinsdag wachten ging te lang duren. Ik belde het nummer van de woningcorporatie.

"U kunt hierover alleen op dinsdag tussen 09:00 en 11:00 bellen" zei de juffrouw met zo'n onaangenaam, randstedelijk kapsonesaccent, buiten de Randstad vooral bedoeld om de niet-randstedelingen ter plaatse de indruk te geven dat het hier een heel belangrijke instantie betreft die zich niets, maar dan ook niets laat aanleunen door de plaatselijke boerenbevolking. Ondanks het feit dat ik al wist dat ik eigenlijk alleen maar op dinsdag kon bellen zei ik alleen maar "Oh" en hing enigszins beduusd op. Het was de Randstadtrut nog gelukt mij te intimideren ook. Daarna bedacht ik echter "Ik wil alleen maar een korte vraag stellen, wat denkt dat mens wel en bovendien ben ik potverhierenginder zélf in de Randstad geboren". Dus ik belde toch weer terug.
"U kunt hierover alleen op dinsdag tussen 09:00 en 11:00 bellen" zei diezelfde sikkeneurige stem weer.
"Luister eens, ik hoef maar één korte vraag te stellen, ik kan me niet voorstellen dat er in dat hele gebouw van jullie nou niet één persoon rondloopt die even de gelegenheid heeft een antwoord te geven!" antwoordde ik hevig geïrriteerd.
"Ik vind u erg negatief"
Nu zijn er weinig dingen die mij in een negatievere stemming brengen dan het verwijt dat ik negatief zou zijn op een moment dat ik ook daadwerkelijk ben, dus ik kon niet anders dan dit hartgrondig beamen.
Ik kreeg na enig nadrukkelijk gezucht dan toch iemand te spreken die mij heel prettig hielp. Dat was dan ook gewoon een Brabander, mensen van het slag "als jij niet moeilijk doet, doe ik het ook niet". En zolang mensen maar niet zeggen dat ik negatief ben doe ik niet moeilijk.
Je kunt namelijk best negatief en toch makkelijk zijn, volgens mij. Positieve mensen, die zijn pas moeilijk! Die willen de hele tijd maar van alles, nieuw behang of zo, net als je even lekker met een glas wijn in je gemakkelijke stoel zit, nadenkend over de ondergang van de wereld. Maar ik dwaal af.

Jaren later woonde ik alweer geruime tijd in de mij uiteindelijk toegewezen studio, dit wil zeggen een wat ruim uitgevallen kamer die alle functionaliteiten van een complete woning in zich verenigt, behalve dan gelukkig de sanitaire, die in een afgescheiden deel zijn ondergebracht. Mijn inkomen was inmiddels behoorlijk gestegen (dalen had dan ook nauwelijks gekund) en dus zocht ik eens een andere, 'echte' woning en wilde mij bij een makelaar hier ter stede, die ook woningen verhuurde, in gaan schrijven (kopen was eind jaren negentig al een utopie aan het worden voor mensen met een normaal inkomen, maar het duurde nog jaren voordat de regering dat ook in de gaten kreeg).
Voor de inschrijving moest ik een formulier met daarop de hoogte van mijn inkomen invullen, diverse documenten die dat konden staven leveren en ook nog een bewijs van goed betalingsbedrag van mijn huidige verhuurder kunnen laten zien.
Dit laatste nu vertikte ik (alhoewel ik altijd een vlekkeloos betaalgedrag vertoond heb) omdat ik mij niet als een schooljongen wenste te laten behandelen die een handtekening van zijn ouders op zijn rapport moet laten zetten.
In een roes van assertiviteit ben ik ook nog met dat formulier naar die makelaar gestapt om ze even expliciet uit te gaan leggen dat ik niet gediend was van dat soort vragen.
"Maar dan kunnen we u niet inschrijven" zei het meisje achter de balie verbaasd.
"Dan schrijft u me maar niet in."
Dit scheen allemaal heel normaal te zijn maar ik vond dat dus niet normaal. De wereld paste zich nu maar eens aan mij aan in plaats van andersom. Aangezien dit nog even kon gaan duren heb ik het hele idee van een nieuwe woning van me af gezet en ben gewoon blijven wonen waar ik nu, zeven jaar later, nog steeds woon. De wereld heeft zich nog niet aangepast.

Verder heeft zich hier ook nog wel eens een akkefietje voorgedaan met de verwarming voorgedaan waarbij ik mijzelf alweer verraste met mijn kordate optreden (dat komt omdat kou mij in hevige mate kan irriteren), maar voor de rest moet ik zeggen dat ik hier sindsdien redelijk naar tevredenheid woon en het als mijn kleine maar goedkope, en daardoor financieel flexibele uitvalsbasis ben gaan zien. U ziet, zelfs ik ben wel eens positief, iedereen heeft zijn zwakke momenten.


 

Teksten